Wenskrans, brede voluten en acanthusbladeren vormen de omlijsting , tegen de achtergrond van een stad aan het bevroren water trekt een paard, met een bepluimde op zijn hoofd, een met rococmotieven versierde slee, in de slee zitten warm en rijk gekleed een man en een vrouw, een derde persoon staat nonchalant achterop, een kleine jongen balanceert vóór op de punt van de slee, de bovenhoeken tonen schaatsers, sleeërs en houtsprokkelaars, hierin een paasgedicht voor haar ouders door Gettie Murks